De meerkoet is wat betreft de watervogels een van de minst kritische soorten als het gaat om leefgebied en broedplaats. Het leefgebied kent doorgaans twee criteria, dat is zoet water en de aanwezigheid van oevervegetatie. In met name het lagergelegen deel van Nederland kan de meerkoet vrijwel overal waar zoet water is worden aangetroffen.
Verblijfplaats en voortplanting
Meerkoeten broeden meestal in de oevervegetatie of op drijvend (natuurlijk) materiaal, oorspronkelijk is het namelijk een echte moerasvogel. Met de zwemlobben rondom de tenen kan de soort niet enkel zwemmen en duiken onderwater maar ook lopen over drijvende vegetatie. Het nest wordt normaliter tussen verschillende soorten riet gemaakt of grotere oeverplanten.
Voedsel
Meerkoeten hebben een gevarieerd dieet. De kuikens eten met name allerlei soorten waterdieren. De volwassen dieren eten met name waterplanten maar komen ook op land om gras en dergelijke kruiden te eten.
Checklist leefgebied
Verblijfplaats en voortplanting
Waterpartijen met ruige oevervegetatie op natuurvriendelijke oevers, drijvende oeverconstructies of kleine natuureilanden.
Veiligheid
Voldoende schuil- en uittreedplaatsen langs het water, zoals oevers of drijvende elementen.
Voedsel
Voldoende watervegetatie en grasland nabij het water.
Variatie
Verschillende verblijfplaatsmogelijkheden, en afwisseling in waterdiepte. Bij voorkeur een lengte van 200 meter of meer aan ruige oevervegetatie, langs of op het water.